News

Mon Amour Pour Toujours!

Rectificatie: dit is niet geschreven door Kaa, maar door Nathalie !

Dit is diepgaande liefde. Niet zomaar een bevlieging, een flirt of crush, zoals de Amerikanen dat zeggen. Dit is een halsoverkop, swept of my feet, ik kan niet meer ademen en heb vlinders in mijn buik-verliefdheid. Ware liefde tussen mij en de metro. Voor mij is deze vorm van openbaar vervoer niet alleen een middel om van één plek naar de ander te komen.
Nee, zoals het spreekwoord zegt; niet het eindpunt is belangrijk, maar de reis. Of zoiets. Waar het op neer komt, is het feit dat ik dol ben op het reizen met de metro.

’s Ochtends vind ik het heerlijk wakker worden; mijn Ipod aan en lekker uit het raam kijken, terwijl ik langs bijvoorbeeld Rijnhaven kom, waar ik een prachtig uitzicht heb over de Erasmusbrug, het nieuwe Luxor-theater en wat wolkenkrabbers. Dan, wanneer ik bij Dijkzigt uitstap, een lekker kopje koffie drinken onderweg naar school, vlak naast het metroperron uiteraard. Het fijne van de metro vind ik ook, dat je ermee op de belangrijkste punten in en rond de stad kan komen. Op Zuidplein kan ik ontelbaar veel bussen nemen, welke kant ik ook heen wil, of er een beetje shoppen. Op Beurs ben ik midden in de stad, midden in de Koopgoot, omringd door winkels. Op Stadhuis ben ik op de Coolsingel, naast de Hofplein-fontein en vlakbij veel cafeetjes in de stad. Op Centraal Station kan ik met de trein verder het land in, hetzelfde bij Alexander, waar ik daarnaast nog even kan winkelen. Dan heb je nog Dijkzigt, waar ik op school zit, Coolhaven, waar mijn theaterschool zit, Maashaven, waar de discotheek Now&Wow zit, Blaak, waar de bibliotheek is en nog zó veel meer metrostations. Alle op goede punten in en rond de stad. Heerlijk is dat.

Maar er zitten nog zo veel meer voordelen aan reizen met de metro. Nooit in de file staan, bijvoorbeeld. De metro gaat immers altijd óf boven de weg, via een soort viaduct, óf onder de weg, in tunnels. Nooit de stress van het verkeer. Nooit het niet zeker weten of je op tijd komt of niet. Een volgend voordeel, dat ook met verkeer te maken heeft, is het feit dat de reistijd kort is. Per halte duurt het ongeveer 2 à 3 minuten. Lekker snel, geen getreuzel. Maar het in de metro zitten zelf vind ik ook heel plezierig. De bus, daar houd ik niet van. Ik word altijd misselijk als er weer een rotonde geweest is en scherpe bochten doen mij ook geen goed. De metro daarentegen is altijd stabiel en rustig. Een boek lezen in de metro is dus ook bijvoorbeeld een aardig tijdverdrijf. En in een vrolijke bui weet ik ook zelfs de omroepen in de metro te waarderen; “Station Leuvehaven. Oogziekenhuis Rotterdam. Station Leuvehaven…”

Vooral de bizarre intonatie van de vrouw die dit omroept werkt op zulke momenten op mijn lachspieren. Maar, zoals elke jongen dat ook heeft, heeft mijn nieuwe vlam, de metro, zijn nare eigenschappen. Allereerst wil ik het volgende horrorvoorbeeld geven; de metropoortjes. Ik haat die dingen vanuit het diepst van mijn hart. Die poortjes zijn bedoeld om je vervoersbewijs doorheen te halen, voordat je toegang krijgt tot het perron. Anti-zwartrijden. Nou, als er ooit een systeem was dat faalde, dan is dit het wel. Je kunt er werkelijk alles doorheen “piepen” en dan doorlopen; pinpas, biebpas, stuk dubbelgevouwen papier. Alles. En mijn abonnement is dan weer net te dik ervoor. Ik moet dan mijn stamkaart er uit halen, wil ik hem door dat poortje laten aflezen. Niet zo praktisch, helaas. Bijkomend is de angst die heerst voor deze poortjes. Je weet nooit wanneer deze dingen dichtgaan als je uit de metro komt. Het gebeurt wel eens dat iemand net te laat is en het poortje recht in zijn gezicht slaat, of dat iemands tas er tussen komt. Het gevolg is dat veel mensen met ogen gesloten en armen vooruit door die poortjes rennen. Doodeng, wel hilarisch, moet ik toegeven.

Een ander voorbeeld. Tijdens spitsuren is het in de metro belachelijk vol. Als het je eenmaal lukt om ín de metro te komen, sta je ook echt vastgeklemd tussen je medereizigers. Zo ging ik laatst zitten naast een man met ernstig overgewicht. Ik had op het moment dat ik mij tussen hem en de steunpaal had gewrongen moeten weten dat dit niet goed zou gaan. Tien minuten lang zat ik naast hem. Hij deed ook absoluut niet de moeite om een beetje in te schikken voor mij; hij nam gewoon zonder scrupules anderhalve plaats in beslag. En hij transpireerde ook overmatig. Iew. In de metro ontmoet je veel mensen. Hoewel, ‘ontmoeten’ is een groot woord. Je ziet, hoort en in sommige trieste gevallen als eerder genoemd, ruik je de mensen. De zintuigen worden in ieder geval geprikkeld, zal ik maar zeggen. Soms zijn de ontmoetingen niet al te prettig. Bijvoorbeeld als iemand een erg, ehm, duidelijk aanwezige lichaamsgeur heeft. Of als iemand, meestal een meisje in haar tienerjaren, luid en duidelijk door haar mobieltje staat te ratelen over alle intriges die zich voordoen in haar leventje. Ook kan ik het meestal niet waarderen wanneer iemand schaamteloos naar me zit te staren. Die persoon heeft soms niet eens door dat het geen tv-scherm is, waar deze naar zit te staren, maar een daadwerkelijk persoon.

Ook zoiets raars; ik zat laatst rond het avonduur in de metro, op weg naar school voor het kersttoneel, toen er een man naast me ging zitten. De man zelf zag er vrij obscuur uit; hij had nodig een was- en knipbeurt nodig en een keertje scheren zou hem ook niet misstaan. Toen haalde hij een aantal papieren uit zijn tas en ging ze invullen. Ik keek vanuit mijn ooghoeken wat voor papieren hij nu zo fanatiek aan het bestuderen was. Bleken het formulieren voor reclassering te zijn. Natuurlijk zijn de ontmoetingen niet altijd eng of afstotend. Soms zijn ze ook hilarisch. Zo zat ik een week of twee terug met een van mijn beste vriendinnen, Tina, in de metro naar huis. Er waren geen twee plaatsen naast elkaar beschikbaar, dus gingen we tegenover elkaar zitten. Ik bleek naast een man te zijn gaan zitten, die gedurende de hele rit van Beurs naar Zuidplein een ernstige jeuk aan zijn geslachtsdeel zou hebben. Dit gegeven werkte sterk op onze lachspieren. De hele rit hadden wij de slappe lach, zonder maar iets tegen elkaar gezegd te hebben.

Maar de ontmoetingen kunnen ook van romantische sferen zijn. Zo is de metro een ideale plek om schaamteloos te flirten. Je ziet de jongen in kwestie waarschijnlijk nooit meer. En als hij eenmaal interesse heeft getoond kan ik het heerlijk naar mijn zin hebben met hebben van oogcontact en het stiekeme glimlachen. De metro is dus de wereld in het klein. Je kunt er iedereen ontmoeten. Je kunt er op verscheidene plaatsen komen. Infinite possibilities. Nou ja, infinite? Tot hoever de twee metrolijnen in Rotterdam reiken dan. Van de vele dingen die ik zal missen, wanneer ik over anderhalf jaar het moederlijk nest en mijn geboortestad zal verlaten, staat de metro in de top tien. De metro; mon amour pour toujours.

LOVE dit artikel
0 meiden hebben deze blog geloved