News

Digitale gezelligheid?

262

Ik bevind me in de intercity richting onze hoofdstad. Het is 17:46. Sinds ik de trotse bezitster ben van een OV-studentenkaart (en dus elke werkdag gratis door het prachtige Holland mag toeren) trein ik steeds vaker van hot naar her. 'Even' naar die ene mooie muziekwinkel in Utrecht of spontaan een avondje musical in Amsterdam. Heel erg handig dat openbaar vervoer, en af en toe levert het ook nog eens hele interessante situaties op!

Zo ook deze avond. Het is bijna Sinterklaas. Ik zit met mijn gedachten heel ergens anders het donker in te staren, wanneer een dame me uit het niets vraagt 'wat rijmt er in hemelsnaam op hockeyclub?’ Stomverbaasd schrik ik op en moet ik haar na enige tijd piekeren bekennen dat ik dat eigenlijk ook niet weet. 'Ik ben namelijk een gedicht aan het schrijven voor m'n jongste kleindochter', legt ze met een knipoog uit. Gewoon, ouderwets, met een pen en met het alfabet bovenaan haar blaadje. Zonder de nieuwste versie van Word en rijmwoordenboek.nl!

Zo beginnen we een gesprek over hoe de wereld aan het digitaliseren is. Hoe de mobiele koelkasten van 'vroeger' razendsnel evolueren tot ieniemini-computertjes met ingebouwde spraakherkenning nog aan toe. 'Vroeger schreven we nog brieven aan elkaar en zat je iedere zaterdag vol spanning te wachten bij de brievenbus. Hopend dat je geheime vriendje wat liefs had teruggeschreven.' En hoe bijna niemand meer 'de kaart' erbij pakt in de auto naar Spanje, maar dat we tegenwoordig massaal blind vertrouwen op 'de TomTom'.

Haast verontwaardigd vertelt ze me vervolgens over de iPhone en de flatscreen TV op het verlanglijstje van de kleine meid. Op de vraag hoe oud ze dan is (ik gok een jaar of 13/14, daarvóór wil je als meisje toch knutselspullen en plakoorbellen van Sinterklaas?) antwoordt ze 'ze is negen'. Ik krijg spontaan een hartverzakking.

Als je negen jaar bent hoor je lekker buiten te spelen. Of wanneer het regent toneelstukjes te maken met de verkleedkleren in de kist op zolder. Of op de piano grappige liedjes te bedenken. Die je vervolgens vol trots aan wie-er-dan-ook-thuis-is laat horen. Of je bouwt met lego luxe huizen voor je barbies, waar je later natuurlijk zelf in gaat wonen. Of je belt met de huistelefoon naar je schoolvriendinnetjes, zingt mee met Kinderen voor Kinderen en speelt vervolgens gezellig een potje mens-erger-je-niet...

Ik bevind me in de intercity in de richting van onze hoofdstad. Het is 18:36. De dame is inmiddels uitgestapt mét het verlossende antwoord. Hup. Hup rijmt op hockeyclub! Als cadeau krijgt de kleindochter trouwens een marsepeinen telefoon en een spel voor de Wii. 'Dan beweegt ze tenminste voor de TV.’ Knutselen doet het meisje allang niet meer. Dat is niet hip genoeg. Voor de flatscreen mag het kind zelf gaan sparen! 

Ik staar weer het donker in en zit me al zeven minuten af te vragen hoe de hoofdrolspeelster van de musical die ik zo ga zien nou ook al weer heet. Voor de grap vraag ik het aan de good-looking jongen die schuin tegen over me is komen zitten. 'Geen flauw idee', zegt hij vrolijk, 'maar ik zoek het wel even voor je op, jongedame!'. Stoer haalt hij zijn blitse telefoontje tevoorschijn, mét supersnel internet. Indrukwekkend toch?

Nee, denk ik, ontzettend jammer juist. Want oh, wát was het leuk geweest om daar samen, na nog vijf minuten gezellig te kletsen, uit onszélf weer op te komen… Ik kijk hem in zijn mooie ogen, bedank hem vriendelijk en stap de trein uit. Terwijl ik naar de bussen loop neem ik me voor een vriendje te vinden die een telefoon heeft die alleen kan bellen en sms’en. Een vriendje die romantische brieven stuurt, het liefst gedichten, net als bij die dame. Dan beloof ik hem plechtig dat ik óók elke zaterdag bij de brievenbus zal gaan zitten smachten!

Door Deborah Aimee

LOVE dit artikel
0 meiden hebben deze blog geloved