News

Snoepen is een sport

Chocolade, koekjes, boterhammen met speculoos, noem het maar op. Dat zijn de verleidelijke dikmakers die bijna niemand kan weerstaan. Niet dat ik dik ben, totaal niet, maar als je op een bepaalde leeftijd komt, merk je dat je voor alles wat je in je mond stopt meteen wordt gestraft.

“Ik moet nu echt minder gaan snoepen, meer water drinken en elke dag sporten.” Aantal keer dat ik dit gezegd hebt de afgelopen maand: elke dag. Mensen reageren daar óf super eerlijk óf super oneerlijk op. “Dat heb jij toch niet nodig joh, je bent toch niet dik?” “Dat houd jij nooit vol, dus begin er maar niet aan!” Je kunt er allebei niks mee…

Het dringt tot je door dat je er, nu je nog kan, iets aan moet doen. En ik heb het nog gemakkelijk op dat gebied, want ik hoef maar de garage in te lopen en dan staat hij daar, mijn toekomstige rechterhand: dé crosstrainer.

Ik begin rustig en heb de smaak te pakken, maar na een tijdje begint het te bonken in mijn hoofd en merk ik dat ik compleet buiten adem ben, ik kijk op mijn secondeteller en kom tot de conclusie dat ik pas op één minuut en 36 seconden zit (versnelling drie), van de tien minuten die ik me had voorgenomen. Ook heel motiverend.

Minder snoepen lukt me ook: een halve dag. Zodra ik uit school kom krijg ik de gedachte dat één koekje niet schadelijk is, maar ik houd me in. Na me drie keer ingehouden te hebben (en daar was ik trots op) pak ik toch een koekje en nog een en nog een. Na anderhalf zat ik al ver over de grens en mijn teleurstelling achteraf is groter dan het genieten tijdens de smaak van een heerlijk chocoladekoekje. “Ik heb gefaald.” spookt het door mijn hoofd en als troost pak ik me nóg een koekje.

Buikspieroefeningen. Dat is iets wat ik wél volhoud en waarschijnlijk ook de reden waarom ik er nog niet uitzie als een complete plofmol. Maar toch voldoet het niet voldoende als compensatie tegen mijn mislukte poging tot minder snoepen. Dat maakt me weer kwaad. Kwaadheid leidt tot de crosstrainer. Tien minuten crossen, waarvan ik de laatste acht minuten en 64 seconden bijna dood ga van de ademnood leidt tot een gevoel van verliezen. Ik haat verliezen. Uiteindelijk voel ik me slap. Slap, omdat ik het niet volhoud om eventjes tien minuutjes te crossen, in mijn garage nog wel. Slap leidt tot koekjes en koekjes zijn snoep. De cirkel is rond.

Hoe vaak ik me ook dingen voorneem en hoe graag ik er ook iets aan wil doen. Het lukt me niet. En misschien lukt het ook wel niet omdat ik keihard zeg dat het me niet lukt. Maar toch, het lukt me niet. Misschien moet ik mensen maar meer gaan geloven; al zijn ze niet super eerlijk, ze zullen vast ook niet super oneerlijk zijn. Dat sporten dat komt wel, want geloof het of niet: ik blijf het nu wel doen! Net zoals het eten van koekjes… En misschien, als ik mijn voornemen lang volhoud, ben ik eindelijk tevreden met mijn compensatie en hoef ik me niet schuldig te voelen over elk ding dat ik eet – of zelfs maar de gedachte aan voedsel.

Je moet nu eenmaal iets doen voordat je resultaten ziet. Dat is iets wat ik nog moet leren, want ik wil altijd meteen effect zien. Geduld speelt hier een heel belangrijke rol, als ik voldoende geduld heb, zal ik ook het uithoudingsvermogen krijgen dat mij een goed gevoel geeft.

Dus in het vervolg ben ik trots op mijn tien minuutjes crossen, in mijn garage, in versnelling drie. Die trots, dat is een voornemen waar ik me zeker weten wél aan zal houden!

Door Laura

LOVE dit artikel
1 meid heeft deze blog geloved